voor Holten, door Holten

Kleine Ree en zijn moeder

Kleine Ree lag al uren in ‘t koren
Kleine Ree was alleen
Kleine Ree kon zijn moeder niet horen
Kleine Ree ging maar heen
Kleine Ree bleef naar moeder verlangen
Kleine Ree dacht aan haar zachte huid
Kleine Ree zocht door de korengangen
Kleine Ree snuffelde met zijn snuit….
Kleine Ree… Kleine Ree…

Moeder Ree was al uren aan ‘t grazen
Moeder Ree liep alleen
Moeder Ree schrok van vechtende hazen
Moeder Ree snelde heen
Moeder Ree zag de strik toen niet hangen
Moeder Ree raakte in grote nood
Moeder Ree bleef naar haar kind verlangen
Moeder Ree worstelde met de dood
Moeder Ree… Moeder Ree…